Damiaan in actie in India

 

 

 

Enkele tijd geleden bezocht ik in India de kliniek van de Damiaanactie. India is een heel groot en prachtig land. Tevens is het een land van grote tegenstellingen: er is een enorme kloof tussen rijk en arm. 300 miljoen inwoners op 1 miljard mensen moeten rondkomen met een loon van 1 euro per dag.

 

 

Damiaanactie heeft meer dan 200 medewerkers in India. Het zijn experts in het opzoeken en behandelen van lepra (melaatsheid) en tbc. Deze experts geven hun kennis door aan andere dokters en verplegers om zoveel mogelijk mensen te bereiken. Bij de lokale bevolking wijzen zij op de gevolgen en gevaren van deze ziekten aan de hand van straattoneeltjes.

 

 

Het bezoek aan de patiënten in de Damiaankliniek in Fathimanager verliep vaak emotioneel. De zieken met open wonden en verzweringen bevinden zich hier op de binnenkoer. Twee oudere vrouwen verzorgen met heel veel toewijding elkaars voeten. Ze schrapen met een puimsteen het dode vlees af rond de wonde. Een voorbeeld van onderlinge solidariteit zoals ik er vele zal aantreffen bij de arme bevolking.

Ik ontmoet er Mandra, een man met op het eerste zicht niet zo’n ernstige verwondingen aan de voet. De directrice van de kliniek, zuster Rita, haalt dan de windel van zijn voet. Ik zie dan een heel onwezenlijk aanbeeld: de dikke teen zit bijna volledig los en uit de wonde haalt zuster Rita witte vieze maden. Even moet ik slikken maar het verhaal van de patiënt is nog aangrijpender. Deze man komt uit een rijkere kaste en woonde met zijn familie in een groot huis. Hij kreeg echter lepra. Zijn zonen waren beschaamd in zijn ziekte en sloten hem dan maar op in een klein kamertje in het huis. De stank van de wonde werd op een bepaald moment te erg en daarom hadden de kinderen hem naar de kliniek gebracht. De uitstoting en discriminatie van melaatsen gebeurt zelfs in eigen familie.

 

 

 

 

Ik vraag aan zuster Rita hoe ze haar werk kan volhouden. Heel eerlijk antwoordt ze dat ze het heel moeilijk gehad heeft in haar beginjaren. Ze viel meerdere keren flauw bij het zien van de vieze verminkingen van de melaatsen én van de stank. Haar grootste motivatie vindt ze echter in haar christelijk geloof. In het gelaat van de zieke, in de oude man ziet ze het gelaat van Christus met een vraag om hulp. Deze zuster maakt een sterke indruk op mij en toont me hoe de Damiaanactie vandaag werkt met een groot hart voor mensen.

 

 

Op de middag wordt een zieke binnengebracht op een fiets door een 14-jarige jongen. De zieke ligt neer op de driewielerfiets, zijn vrouw zit naast hem. Zij doet me teken dat het om haar man gaat. De man lijdt aan tbc en is er slecht aan toe. Hij hoest verschrikkelijk. De jongen richt hem een beetje op en wrijft vriendelijk langs het hoofd van de man. Ik vraag de vrouw of het om haar zoon gaat. Uit haar verhaal blijkt nu ook weer de miserie achter de ziekte. Het moslim koppel heeft alleen maar dochters en dat is een probleem. Niemand van het gezin kon de man tijdig naar de kliniek brengen omdat moslimvrouwen niet met de fiets rijden. De man bleef dan maar werken tot hij niet meer kon. Wie zou er anders voor zijn gezin zorgen. Een neefje had zich dan bereid getoond om de fietstocht aan te vatten die drie uur duurde. Gevoelens van naastenliefde en menselijkheid kunnen in alle culturen even intens zijn.

 

 

 

 

Bij het zien van zieken moest ik vaak terugdenken aan pater Damiaan. Hij wou jaren geleden op Molokaï de melaatsen hun waardigheid teruggeven. Zijn moto was: ieder mensenleven is het waard om geleefd te worden. Vandaag is dit niet anders. De hulp en inzet van zovele mensen over heel de wereld is geen druppel op een hete plaat maar een druppel olie die de wereld gelukkiger doet draaien!

 

Laurens De Coninck

 

 

 

 

 

Terug naar indexpagina hoofdartikels