Goede voornemens
voor 2010
Het startschot van 2010
ligt al enkele dagen achter ons en de feestvreugde
begint uit te deinen. Stilaan wordt de schade opgemeten
van de feesten rond Kerstmis en Oudejaar. Het zoeken
naar solden drukt ons met de neus op de feiten: niet
enkel een jaartje erbij, maar eveneens een maatje erbij.
Inderdaad één van de topvoornemens bij het nieuwe jaar
is het lijnen. Mensen willen de feestkilo’s eraf. De
consumptiemaatschappij speelt handig in op deze trend en
lonkt met allerlei wondermiddeltjes – al dan niet succes
verzekerd – om de kilo’s vlug kwijt te spelen. Maar
misschien moeten we de goede voornemens wat dieper
onderhuids zoeken en ons even bezinnen bij het nieuwe
jaar.

Voornemens zijn
een werkwoord om heel het jaar aan verder te bouwen…
Vele mensen hebben het
geluk om van familie en vrienden kaartjes te krijgen of
zelfs een heuse nieuwjaarsbrief. Hierin staat dan
geschreven wat we elkaar wensen of wat men voorneemt het
komende jaar beter te doen. Het schrijven van deze
wensen en het formuleren van goede voornemens is vaak
snel en creatief genoteerd, maar het waarmaken en
doorleven van deze voornemens is de grootste uitdaging
voor het komende jaar.
En ja, we mogen niet te
streng zijn voor onszelf, we hebben uiteindelijk een
heel jaar om eraan te werken. Maar welke voornemens zijn
belangrijk om na te streven? Deze vraag is uiteindelijk
verschillend voor elk van ons, maar laat mij toe om even
een aantal suggesties te doen, mede gevoed vanuit onze
christelijk geďnspireerde traditie.
Eigen voornemen
een extra dimensie geven
Kardinaal Danneels had
het in zijn kerstboodschap over de kanker van onze tijd:
onze verslaving aan geld, genot en macht. Deze kritiek
is ook terecht. Maar het is belangrijk om het kind niet
met het badwater weg te gooien. Uiteindelijk leven we in
onze economische maatschappij en worden we elke dag
geconfronteerd met geld en macht. Maar naast deze
wereldse dingen moeten we ons dieper durven bezinnen en
moeten we verder kijken dan het uiterlijk vertoon van
geld, genot en macht. Is het immers niet zo dat
uiteindelijk aan deze aspecten van onze
consumptiemaatschappij een diepere morele betekenis kan
verbonden worden… het verwerven van macht, geld en genot
hoeft niet onmiddellijk een negatieve connotatie te
hebben, het is belangrijker wat je er uiteindelijk mee
doet of tot doel stelt. Dat zal uiteindelijk bepalen of
dat dit geld of de macht het goede of het kwade
ondersteunt.
De oppervlakkigheid
waartoe we worden uitgenodigd door onze
consumptiemaatschappij is een ziekte van deze tijd waar
we trachten creatief mee om te gaan. Het is tevens zo
dat na een repressieve tijd waarin genieten uit den boze
was, het lijkt dat de slinger iets te ver dreigt door te
slagen naar puur genieten soms te zelfzuchtig. De
toespraak van de kardinaal daagt ons uit om een
humanistisch alternatief te formuleren: hoe kunnen we
bepaalde individuele rechten – in het bijzonder het
zelfbeschikkingsrecht – verzoenen met een
maatschappelijk engagement.
Dit is de kern van de
zaak, hoe kunnen we in onze voornemens of in onze doelen
die we vooropstellen voor het komende jaar die extra
dimensie initiëren om iets goed te doen voor heel de
gemeenschap. Hoe je eigen wensen verzoenen met de wensen
van een groep en zo een meerwaarde bekomen.
Humanistische
alternatieven in onze voornemens vertalen
Vaak worden deze
alternatieven vertaald in containerbegrippen zoals
verdraagzaamheid, mededeelzaamheid, vrijgevigheid en
vrijwilligerswerk. Dit humanistisch alternatief kent
vele goede vertalingen in het christelijk middenveld
zoals we de christelijke bewegingen kennen: KAV, KVG,
OKRA, KVLV, ZIEKENZORG, enzovoorts. De vele
vrijwilligers binnen deze bewegingen, maar ook in andere
middenveld- en vrijwilligersorganisaties en onze
werkgroepen binnen de parochiegemeenschap dragen een
steentje bij om onze maatschappij wat te verzoeten en om
de andere mee te ondersteunen.
Onze voornemens moeten we
dus trachten te vertalen in inzet voor de andere en hoe
we onze eigen doelen kunnen verruimen om ook onze
medemens te laten meegenieten. En dat vind je juist
vanbinnen in je hart als je je open zet om wat je
verwerft te laten renderen niet alleen voor je eigen
belang maar dat van ieder van ons en heel de
gemeenschap.
Het is belangrijk dat we
als geloofsgemeenschap ons bezinnen hoe we onze
voornemens tot een gedeelde positieve kracht kunnen
bundelen waar we allen beter van worden. Door elke dag
opnieuw verdraagzaam mee te werken aan ons
gemeenschapsgevoel als vrijwilliger. Hierbij moeten we
trachten samen te werken voor eenzelfde doel en mensen
niet uit te stoten door hun anders zijn, maar hen juist
bejegenen en aanvaarden voor wie ze zijn. Hen meenemen
in het grote verhaal van de bijbel om dat te doen wat
goed is: barmhartig zijn voor elkaar en naastenliefde.
Dit dienen we niet enkel in het kerkgebouw na te
streven, maar ook daarbuiten. Samen eucharistievieren is
belangrijk, maar ook samenleven buiten de kerk als
broers en zussen, daar zit de meerwaarde in die 2010
onze gemeenschap in Buggenhout weer verder kan brengen
op weg naar dit humanistisch alternatief.
Laten we voor 2010 samen
verder werken om elkaar verdraagzaam de ruimte te geven
om individueel te groeien en zo als gemeenschap ook
hechter te worden, onbevooroordeeld.