|
Hou je van kunst met een
kleine “k”? Dan moet je beslist richting Gent uit voor de
tentoonstelling “Mijn klein Jeruzalem” in de crypte van
de St. Baafskathedraal. Met die “kleine k” bedoel ik
een tentoonstelling zonder ronkende namen uit de kunstwereld
maar een eenvoudige, zinvolle kunst gegroeid uit het hart
van de plaatselijke bevolking.
Deze tentoonstelling kwam er
naar aanleiding van het 450 jarig bestaan van het bisdom
Gent. Paus Paulus IV richtte met de bul, Super Universas,
drie nieuwe aartsbisdommen op in de toenmalige Nederlanden:
Utrecht, Mechelen en Kamerrijk Bij die gelegenheid werd ook
een aantal nieuwe bisdommen in het leven geroepen waaronder
voor de Zuidelijke Nederlanden de bisdommen Brugge,
Antwerpen en Gent.
Jeruzalem? In de
crypte?
Het bezoek aan de crypte van
de St.- Baafskathedraal is op zichzelf al een unieke
belevenis. Sedert 1961 totaal gerestaureerd, ademt men er de
ziel en het gedachtengoed van vroegere generaties in.
Romaanse bogen, versierd met kleurrijke fresco’s - vb.
Sint-Bavo en St.- Amelberga - getuigen van het kunstgevoel
en de religiositeit van de ontwerpers en de schilders. Men
dateert deze schilderingen tussen 1480 en 1540, periode
waarin hier een Heilige Grafkapel was ondergebracht.
En om die grafkapel gaat het.
Lausus, een rijke Gentenaar die samen met Poppo van
Deinze, abt van Stavelot, een
reis naar Jeruzalem had ondernomen, financierde toen de bouw
van een nieuwe kerk in Gent ( de St.- Janskerk - nu St.-
Baafs) en stichtte er een devotie tot het H. Graf. Deze
devotie stelt het lijden van Christus centraal. Een bezoek
aan de heilige plaatsen in Jeruzalem was daartoe een
uitstekend middel om aan deze devotie te voldoen. Dat was
uiteraard enkel voor begoede enkelingen weggelegd. De meeste
gelovigen moesten genoegen nemen met een bezoek aan de
Grafkapel. Zoals de Grafkapel de bezoekers moest begeleiden
bij hun meditatie over het lijden en de dood van Christus,
zo moest het voorbeeld van de heiligen en martelaren de
gelovigen aanzetten tot navolging. De heiligen die hier in
de crypte zijn afgebeeld werden vooral door bedevaarders
vereerd. Voor de gelovigen, die zich tot de heiligen
richtten voor enig soelaas, was hun devotie ook een beetje
een “ Jeruzalem”, een spirituele oase waar ze even mochten
hopen op een luisterend oor en een straaltje hemels geluk.
“ Jeruzalem “ in de crypte dus.
Mijn klein
Jeruzalem : de tentoonstelling
In een eerste deel wordt de
praktijk van de heiligendevotie hier te lande en specifiek
voor Oost-Vlaanderen getoond: devotieprentjes, litanieën,
bedevaartvaantjes, affiches, broederschapslijsten e.a. Het
zijn voorwerpen die ook vandaag nog deel uitmaken van de
devotie voor een bepaalde heilige. Een zijkapel is uitgerust
met een flatscreen waarop enkele filmpjes tonen hoe
heiligendevoties ook vandaag nog beleefd worden.
Het tweede deel van de
tentoonstelling is opgesteld in het Romaanse deel van de
crypte. Het verhaal van het hemelse Jeruzalem is hier het
leidmotief. Dat hemelse Jeruzalem wordt immers bevolkt door
“uitverkorenen” waar dus ook Oost-Vlaamse heiligen toe
behoren. De heiligen worden er onder vorm van
reliekschrijnen, beelden en schilderijen voorgesteld vb
Eligius ( staat ook in onze boskapel) Amandus (Opdorp)
Aldegondis (Mespelare) Amelberga (Temse) en Bavo. Zij
hebben een duidelijke band met onze streken.
Een reeks heiligen behoren
tot de groep van de martelaren: Apollonia, Barbara, Blasius
en Cornelius. Job en Johannes de Doper zijn dan “speciale”
heiligen. Zij werden nooit officieel heilig verklaard maar
hun aanwezigheid in de bijbel en de rol die ze daar spelen
staan garant voor hun heilig zijn.
Het laatste deel van de
tentoonstelling sprak ons heel erg aan. Daar staan diverse
beelden van “Oost-Vlaamse lievevrouwkes “. Ze staan zo mooi
bij elkaar: O.-L.-Vrouw van Lebbeke in prachtig gewaad, de
Wittetak -lieve-vrouw uit Ronse, de Sedes Sapientiae van
Hulsterloo, de lieve vrouw van Kerselare.....
Onze-Lieve-Vrouw van Lede, met haar overleden Zoon op haar
schoot is het eindpunt van een symbolische bedevaart langs
heiligen die zolang werden en worden vereerd in het bisdom
Gent. Het “ kleine Jeruzalem” allegorie voor eeuwen
heiligendevotie is daarmee voltooid. Onze Nood-Gods verkoos
blijkbaar liever thuis te blijven ...in onze boskapel.
De tentoonstelling kwam er
ook met de steun van het provinciebestuur Oost-Vlaanderen
en de stad Gent. Het
provinciebestuur geeft bij deze gelegenheid een Kleine
Cultuurgids uit van de hand van historicus Johan Decavele.
Deze uitgave werd geraadpleegd voor dit schrijven.
Echt...de moeite waard.
Onbekend maakt onbemind!
ZR.
 
H. Amandus
H. Bavo

Tentoongestelde Lieve Vrouw beelden

O-.L.-Vrouw van Lebbeke

F2045e43 O.-L.-Vrouw
van de Nood Gods Lede
|