|
Het is precies 450 jaar
geleden dat het bisdom Gent, samen met verschillende andere
Vlaamse en Nederlandse bisdommen werd opgericht door de
bulle “Super Universas” van Paus Paulus IV.
Vierhonderdvijftig jaar van wel en wee van een
kerkgemeenschap.

Gedegen opleiding
Het pas opgerichte bisdom
kwam moeizaam van de grond. Na de omschrijving van zijn
grenzen bleef de benoeming van de eerste bisschop Cornelius
Janssen uit tot in 1565. Naar de wens van het Concilie van
Trente bouwde hij het nieuwe bisdom uit en hield in 1571 de
eerste grote diocesane vergadering. Ook zorgde hij voor een
degelijk opgeleid priesterkorps dat een onderkomen vond in
het seminarie, gelegen aan de Biezekapelstraat. Daarnaast
werden ook een aantal priesters gestuurd naar de
universiteiten van Leuven, Douai en de Gregoriana te Rome.
St. Baafskathedraal Gent:
baken van stilte en gebed.
Pastorale inzet
Het episcopaat van Antonius
Triest (1621 - 1657) was ongetwijfeld het belangrijkste,
niet enkel omwille van zijn sterke persoonlijkheid, maar
evenzeer omwille van zijn grote pastorale inzet en
veelzijdige talenten. Gedurende een ambtsperiode van 36 jaar
bezocht hij meermaals al zijn parochies en schreef daarover
eigenhandig een verslag. Deze visitatieverslagen bracht hij
samen in zijn bekende itinerarium. Op het jaarlijks overleg
met alle dekens werd de pastorale strategie vastgelegd. Mgr.
Triest was een van de invloedrijkste bisschoppen van Gent.
Gestadige groei
Van bij de oprichting
beschikte het bisdom over grote parochies die nagenoeg allen
een eigen pastoor hadden en het aantal roepingen bleef op
peil. De intensiteit van het godsdienstig leven werd
beklemtoond door het onderhoud van de paasplicht en het
ontvangen van de sacramenten. Ook de vrijwillige devotie won
aan belang: broederschappen, confréries en processies
bestonden praktisch in elke parochie. De regelmaat en de
kwaliteit van het catechismusonderricht gingen erop vooruit
dank zij de zondagsscholen.
Moeilijke periode
De inlijving van de
Nederlanden bij Frankrijk in 1795 leidde tot de invoering
van de burgerlijke stand en de republikeinse kalender werd
verplicht, waar geen plaats meer was voor de zondag. De
kerkvervolging zou uitmonden in de Boerenkrijg.
Alle kerkgebouwen van
priesters die de eed van haat jegens de monarchie weigerden
af te leggen werden gesloten. Dit was ondermeer het geval in
Lebbeke, Opdorp en Buggenhout, waar zelfs de Boskapel werd
verkocht om afgebroken te worden. Ongeveer een vierde van de
toenmalige geestelijkheid werd gevangen genomen of
gedeporteerd naar het eiland Re, terwijl velen ondergedoken
leefden op hun parochie. Zo verbleef onderpastoor
Jan-Baptist Boonen in het Schaliënhuis bij de familie
Stassijns. De Buggenhoutse pastoor Judocus De Leenheer vond
een schuilplaats in de Krapstraat op het hof van de
Blommaerts. Alle uiterlijke kentekenen van religie werden
verboden, maar de ondergedoken priesters dienden in het
geheim de sacramenten toe.
Religieuze inbreng
In het bisdom Gent werkten
sinds eeuwen heel wat religieuzen mee. Ze liggen aan de
basis van een heel netwerk van instellingen voor onderwijs,
zieken- en bejaardenzorg of wijden zich geheel aan gebed en
contemplatie. In onze contreien was dat ook het geval. Zo
vestigden zich hier eerst de zusters Maricolen uit Lede van
1833 to 1844 in de Cruysveldtstede. De zusters van de H.
Vincentius van Eeklo volgden de Maricolen op en vestigden
zich in de huidige Kloosterstraat. Ook zij verlieten
Buggenhout en werden in 1854 opgevolgd door de zusters van
de H. Vincentius van Deinze. Ze openden te Buggenhout een
weeshuis en een kantschool, later een kostschool en
stichtten bijhuizen ondermeer te Opstal en Malderen. Te
Opdorp kwamen in 1908 de eerste zusters van de H. Vincentius
uit Hamme. Maar de laatste decennia loopt het aantal
religieuzen fel terug. In 1984 waren ze met 4.817 in 418
kloosters en op 1 januari zijn ze in het bisdom Gent nog met
1.681.
Jubileumactiviteiten
Er werden in deze
vakantieperiode verschillende activiteiten georganiseerd
rond dit jubileum. Zo waren er unieke wandelingen naar het
centrum van Gent, die de deelnemers terugvoerde in de
geschiedenis van het bisdom. Ook het religieus erfgoed staat
hierbij in de belangstelling: Sint-Baafsabdij, Nieuwenbosch
en het Klein Begijnhof. Het bisdom programmeert de diocesane
bedevaart met een bijzondere ééndagsreis naar
Saint-Amands-les-Eaux en Valenciennes, de bakermat van de H.
Amandus, de apostel van Vlaanderen. Ook loopt nog tot 8
november in de crypte van de St. Baafskathedraal een
tentoonstelling: “Mijn klein Jeruzalem” over de
heiligendevotie in het bisdom Gent.
Ontdekkingstocht
Het doorbladeren van de rijke
geschiedenis van ons bisdom geeft een zekere rust en
vertrouwen. Wij beseffen dat wij ons bevinden op een
ingrijpend keerpunt van de geschiedenis van onze samenleving
en van de Kerk. Bij alle ongemakken die dit meebrengt, is
het een boeiende tijd om na te denken over de echte
uitdaging en nieuwe kansen...
Nu ontdekken we volop onze
zending, onze missie...
J.B.
|